Coördinatie: Jan van Rijsewijk

Email: vogelwerkgroepmiddenbrabant@gmail.com

steenuil

Athene noctua

Foto: Jan Wolfs
Foto: Jan Wolfs

De steenuil is de kleinste in ons land voorkomende uil met een lichaamsgrootte van 21-23 cm en een vleugelspanwijdte van 54-58 cm. Hij heeft een gevlekt verenkleed met een bruine ondergrond waardoor ze in bomen moeilijk waarneembaar zijn. Boven de ogen, met de felgele iris, heeft hij opvallend witte wenkbrauwen, waardoor hij altijd lijkt te fronsen. Door de bolle kop en relatief dikke verenpak lijkt de steenuil groter dan ie in werkelijkheid is. De uiltjes zijn niet groter dan een zanglijster.

De steenuil wordt ook wel genoemd "De ambassadeur van het kleinschalig cultuurlandschap". Anders gezegd: Als het met de steenuil goed gaat, gaat het met veel andere vogelsoorten ook goed. Reden genoeg om in 2003 met de werkgroep van start te gaan. Een van de belangrijkste activiteiten is het aanbieden van nestruimten, het hangen van nestkasten. Die kasten maken we niet zelf. Hierin worden we gesteund door Brabants Landschap die voor de steenuil- en kerkuil een project zijn gestart om deze uilensoorten meer bescherming te geven. En wat blijkt? Steenuilen maken graag gebruik van de kasten. Niet alleen om te broeden maar ook om te slapen.

werkgebied

In 2003 is de werkgroep gestart. We werken nauw samen met Brabants Landschap die al een project was gestart om de steen- en kerkuil meer bescherming te bieden op het Brabantse platteland. Brabants Landschap zorgt voor de nestkasten en wij hangen ze op, controleren en onderhouden de kasten en geven jaarlijks de resultaten door. Tilburg/Noord, Berkel-Enschot, Udenhout, Biezenmortel en Loon op Zand zijn de plaatsen die in het gebied vallen. Een kleine uitloper in het zuidelijke deel is Moerenburg. Zie kaartje.

Het werkgebied is verdeeld in drie gebieden. 

  1. Tilburg/N., Udenhout en Loon op ZandJan van Rijsewijk en Kees van de Poel
  2. Berkel-Enschot, Moerenburg >  Jan van Laarhoven en Job van de Hoven
  3. Udenhout, Biezenmortel  > Peter van Gestel en Ad Robben

 

Verslag Jaaravond Uilenwerkgroep Tilburg e.o. oktober 2016

Aanwezig: Jan van Laarhoven (gastheer), Job van de Hoven, Ad Robben, Peter van Gestel, Bart van Beerendonk  en Jan van Rijsewijk

Afmeldingen: Cees van de Poel en Nico Hilgers

Jan van Rijsewijk heet iedereen welkom en noemt de programmapunten:

1. Resultaatbespreking Kerkuilen

2. Resultaatbespreking Steenuil

      a) Loon op Zand / Tilburg.N. / Udenhout / Kraanven

      b) Biezenmortel

      c) Berkel-Enschot / Moerenburg

3. Cameraproject Steenuil

4. Gezamenlijke gebiedsverkenning

5. Ringen in broedseizoen

 

                              ________________________________

KERKUIL

1.Kerkuilen hebben een goed seizoen gehad. In totaal zijn er 10 broedgevallen waarbij 38 jongen zijn geteld en uitgevlogen. Twee broedgevallen meer dan vorig jaar. Op één plek was er een tweede broedgeval. In één kast trof men een nest met….poezen! Verder heeft Bart van Beerendonk op de Wichelroede in Udenhout enkele lessen/lezingen gegeven en weet hij de kinderen steeds te enthousiasmeren. Braakballen worden opgestuurd voor nader onderzoek.

 

STEENUIL 

2. a) In Loon op Zand / Tilburg.N. /  Udenhout /  Kraanven zijn in 17 kasten broedsels geweest en daarbij werden totaal 51 pullen geteld.  Op het daadwerkelijk uitvliegen is niet gecontroleerd. Wel waren de pullen steeds in goede gezondheid. In één kast was activiteit en op twee plaatsen was een duidelijk territorium.  De 2 kasten op het golfterrein van de Efteling worden door derden gecontroleerd en geringd. De kasten worden bijgehouden door Vivara. Omdat het bij ons gebied hoort krijg ik de gegevens door. Resp. 4 en 5 pullen in de kasten.

    b) Groep Biezenmortel heeft dit jaar een goed seizoen achter de rug. Bleef het resultaat andere jaren wat achter, dit keer zat het in de lift. Liefst op 5 plaatsen is er gebroed met een resultaat van 21 jonge pullen. Mooi is te horen dat er erge enthousiaste gastgevers tussen zitten. Ad en Peter gaan op enkele plaatsen nog kasten bijhangen.

    c) In Berkel-Enschot zijn 4 broedgevallen gevonden met 13 jongen. In twee kasten lagen alleen eieren. In Moerenburg is op 2 plaatsen gebroed met totaal 7 jongen. Er zijn daar de laatste jaren voldoende kasten gehangen. Het is nu afwachten of deze ook bezet gaan worden. Job gaat wel met een kritische blik kijken of ze op de juiste plaats hangen. Ook Job heeft een voordracht gegeven op een lagere school in Berkel-Enschot.

 

3. In de camarakast van de steenuil heeft  een spreeuw gebroed. Gezien de verwoesting van het biotoop in de omgeving is het niet aannemelijk dat er ooit nog een steenuil gaat broeden. We gaan proberen een ander gastadres te vinden. Peter gaat inlichtingen winnen bij zijn gastgevers. De oude apparatuur wordt overgenomen en van het geld kopen we een nieuwe camera. De kast zelf houden we en kan opnieuw gebruikt worden.

 

4. Job had het idee om bij elkaar op bezoek te gaan en zo andermans gebied te leren kennen. Van elkaar kun je immers het beste leren. Goed idee maar door tijdgebrek en moeilijk om voor iedereen dezelfde datum te prikken werd het idee weggewuifd. Misschien iets voor de langere termijn.

 

5.Hoewel niet iedereen het directe nut van steenuilenringen ziet vindt men het prima als Anita jonge pullen wil ringen. Afgesproken is adressen aan haar door te geven. Gastgevers vinden het over het algemeen prima. Het beste is dat we er zelf bij zijn. Tegenover de gastouders is dat vertrouwelijker en voor Anita makkelijker. Vanwege vakanties of andere bezigheden is dat echter niet altijd mogelijk.

 

Een nuttige avond waarbij we weer allemaal bij gesproken zijn. Met dank aan onze gastheer Jan van Laarhoven.

resultaat 2008-2016

In  deze grafiek is duidelijk te zien dat het met de steenuil in ons werkgebied langzaam beter gaat. De eerste jaren zie je duidelijk meer vrije broedsels. Dat zijn broedsels onder golfplaten of in holen en spleten waar je als beschermer geen zicht in hebt. De volgende jaren zie je dat de steenuilen de kasten gaan bevolken. Er hangen nu in ons gebied genoeg kasten. Nieuwe kasten worden nog nauwelijks gehangen. Nadruk in ons werk komt te liggen om een betere leefomgeving voor de steenuil te ontwikkelen. Het is nog altijd zo dat van de vier jongen in een nest er gemiddeld slechts anderhalf kuiken overleeft.

Tien jaar lang heeft Jan van Rijsewijk zijn nieuwsbrief 'Steenuil in de Lift' uitgebracht. Brabants Landschap heeft dit initiatief overgenomen en brengt om bepaalde tijd de nieuwsbrief 'Uilenwerk' uit. De kerkuil en steenuil zijn inmiddels uit de gevarenzone. Zij worden niet langer met uitsterven bedreigd. Nieuws en voorlichting heeft hieraan zeker bijgedragen.

kasten

Het ontbreken van natuurlijke holtes en dichtgestopte gaten en kieren in stallen en schuurtjes zijn redenen om kunstmatige 'holtes' in de vorm van nestkasten aan te bieden. Een kast moet wel aan bepaalde voorwaarden voldoen. Belangrijk is het pijpmodel met een sluis zodat het achter in de kast donker is. De sluis wordt gemaakt dmv twee schotjes met aan twee verschillende zijden de opening zodat kauwtjes of duiven de bocht niet kunnen nemen om in het broedgedeelte te kunnen komen. Dit alles is aan precieze maten gebonden.

Stone heeft een nieuwe kast ontworpen. Directe aanleiding was dat men in toenemende mate signalen kreeg over predatie door steenmarters. Doordat er een extra dwarsschotje is geplaatst in het voorportaal moet de steenmarter bijkans zijn rug breken wil hij in de broedruimte komen. Belangrijk zijn de juiste afmetingen!

Voor de echt 'handige jongens' onder ons vind je hier de bouwtekening.

Om verder succes te garanderen is het belangrijk de kast op de juiste plaats te hangen. Daar zijn een aantal regels voor. 

  1. Hang de kast op een rustige plaats.
  2. Dicht bij een erf.
  3. Het liefst in een boom die in de zomer de nodige schaduw biedt.
  4. Laat de kast met de opening steunen op een tak.
  5. Een kast aan de gevel zeker niet in de volle zon hangen.
  6. Liefst de opening niet naar het westen ivm inregenen.
  7. Hoogte tussen twee en vier meter.
  8. Kast ietsje achterover hangen ivm wegrollen van de eieren.
  9. Leg wat houtsnippers of zaagafval op de bodem. Uilen maken zelf geen nest.
  10. Hoe verder van de weg, hoe minder verkeersslachtoffers.

Via deze link kom je alles te weten over het plaatsen van een steenuilenkast.

www.steenuil.nl/pdf/handleiding/handleiding_14_Nestkasten.pdf

het ideale erf

Het biotoop van de steenuil luidt officieel: Een kleinschalig agrarisch cultuurlandschap. De perfecte plek voor een steenuil is een niet al te netjes boeren- of burgererf wat zich bevindt in een half/open gebied. Hij vindt graag een kort begraast schapen -en/of paardeweitje in de buurt waar ie een kever kan oppikken. Ook is ie dol op schuurtjes met hoeken en gaten om te schuilen, knotbomen waar ie ook kan nestelen, beukenhagen vanwege meikevers, wat bomen en struikgewas. Zie daar het ideale erf!

Netwerk Uilenbescherming Brabant

Vanaf 2003 hebben de Kerkuilenwerkgroep Brabant, de Brabantse steenuilenbeschermers en het Brabants Landschap besloten om een stevig beschermingsnetwerk op te zetten om de steenuil en kerkuil in de provincie te behouden en te promoten. Een van die hulpmiddelen is facebook waar je actuele informatie kunt vinden.